Projecten

Drieluik brugproject - In een living lab krijgt de toekomst vorm

14 september 2026

Op de laatste vrijdag vóór de pressure cooker staan Fabian Cras en Ruud Welschen samen gebogen over het schaalmodel van de verkeersbrug. Ze zorgen ervoor dat alles up and running is. Dat een Blue Team straks twee weken lang de cyberveiligheid van de brug kan verdedigen. Dat een Red Team er alles aan gaat doen om die brug te hacken. Twee mannen. De een is docent ICT bij mboRijnland. De ander Industrial Cyber Security Consultant bij Siemens. Samen steken ze de handen uit de mouwen om studenten een mooie leerervaring te geven.  

Dit is het tweede deel van een serie van drie verhalen over de samenwerking tussen Siemens, De Haagse Hogeschool, mboRijnland en de gemeente Zoetermeer rond cybersecurity in operationele technologie. Deel 1 ging over de verkeersbrug als testcase. Deel 2 gaat over samenwerken aan de infrastructuur van de toekomst. Deel 3 laat zien hoe studenten binnen dit project hebben gewerkt aan echte cybervraagstukken. 

De wording van een ecosysteem
Het beeld van deze twee mannen staat voor iets veel groters. Iets dat de afgelopen tijd in de Dutch Innovation Factory in Zoetermeer is ontstaan. Een samenwerking die niet blijft steken in intentieverklaringen, convenanten en PowerPoints. Hier ontstaat een veelbelovend ecosysteem. Hbo- en mbo-studenten, een multinational en een gemeentelijke overheid samen rond een schaalmodel. Het is mogelijk gemaakt door het Cyber Security Living Lab, geïnitieerd door Peter Roelofsma, lector Risk Management & Cyber Security aan De Haagse Hogeschool. 

Een 'wij' rondom de brug
Peter Roelofsma:“Ik vind het geweldig om te zien hoe we in de Dutch Innovation Factory partijen kunnen samenbrengen die normaal niet zo snel met elkaar om tafel gaan zitten. Een mbo-instelling, een hogeschool, een techreus en een overheid. Die samenwerking in de context van een living lab is essentieel om de infrastructuur van de toekomst te ontwikkelen. Precies omdat geen van de genoemde partijen de huidige vraagstukken alléén kan oplossen.”

Ecosysteem
In de reflectie op het brugproject valt regelmatig de term ‘ecosysteem’. Cras geeft geen definitie ervan, maar een illustratie: “Het was voor het eerst dat ik samenwerkte met Peter. Dat smaakt naar meer. We hebben dezelfde visie en dezelfde aanpak. We zijn niet bang om een project te starten dat nog niet helemaal is uitgekristalliseerd. Zo moet het beginnen.” Welschen: “Sprekend voor Siemens zie ik zo’n samenwerkingsproject als een mooie kans om jongeren te enthousiasmeren voor dit prachtige vak. Het ecosysteem waar jullie het over hebben, geeft ons de kans om vertrouwen in het merk te creëren. Als studenten Siemens leren kennen als partner in hun opleiding en niet alleen als producent van wasmachines, worden zij later misschien wel de ambassadeurs die ons bedrijf nodig heeft in een sector met een groeiend tekort aan cybersecuritytalent.” 

Gelijkwaardige partners
Voor Roelofsma heeft de samenwerking het bestaande beeld van mbo en hbo op z’n kop gezet. “Dat was misschien wel de meest opvallende uitkomst van de pressure cooker. Je kunt niet meer zeggen: hbo levert het hoofd, mbo de handjes. Dat oude idee gaat terug tot Descartes: eerst de kennis ontwikkelen (hbo), dan zorgen voor een goede uitvoering (mbo). Maar juíst uit het handenwerk blijkt vaak dat het hoofd ernaast zat. Dat is ook in het brugproject gebleken. We hebben laten zien hoe belangrijk het is om als gelijkwaardige partners op te trekken. En dat alleen al maakte die twee weken voor mij de moeite waard.”

Cras beaamt het maar ziet tegelijkertijd dat hierin nog wat hobbels te nemen zijn. “Voor de hbo-studenten was hun stageperiode al voorbij. Ze hebben dit project in hun eigen tijd gedaan. Ik was heel blij dat ze überhaupt gekomen zijn. Dus: ja, er groeit gelijkwaardigheid, maar dat betekent nog niet dat agenda’s op elkaar zijn afgestemd, dat leerlijnen aansluiten en dat periodes matchen. Dat klinkt als organisatorische randverschijnselen. Maar op die dingen komt het wel aan als je wilt dat mbo en hbo straks gelijkwaardig en structureel gaan samenwerken. Er moeten drempels worden weggewerkt. Iedereen moet daar flexibel in zijn. Met deze pilot hebben we laten zien dat het kán. Er ligt een basis die we de volgende keer weer kunnen gebruiken.”

De rol van de gemeente
In het project heeft de gemeente Zoetermeer een minder zichtbare maar niet minder belangrijke rol gespeeld. Roelofsma: “De gemeente heeft niet alleen gefaciliteerd, maar ook het onderzoeksklimaat gecreëerd waarin deze pressure cooker mogelijk is geworden. Een omgeving waarin een project kan starten zonder dat het volledig in de steigers staat, zoals Fabian dat net noemde, ontstaat niet vanzelf; daar is een overheid voor nodig die mee durft te bewegen in plaats van vooraf alles dicht te timmeren.” 

Regionaal belangrijk
De samenwerking in het brugproject is regionaal georiënteerd. En niet zomaar. “Het aanjagen van innovatie begint met een regionale aanpak,” zegt Roelofsma stellig. “Mits je de goede regio daarvoor selecteert. Zuid Holland is een gebied van geen woorden maar daden. Daarom was mijn eerste idee om iets te gaan doen met de Rotterdamse haven. Ik ben blij dat Ruud toen met het schaalmodel van de brug kwam.”

Welschen: “Het voordeel is dat je in de regio alles heel concreet kunt maken. Deze brug is voor niemand een ver van-mijn-bed-bouwwerk. Studenten doen ‘dichtbij’ ervaring op. De resultaten ervan presenteer ik weer aan mijn collega’s van Siemens Europa, Midden-Oosten en Afrika. Wat in Zoetermeer is geleerd, gaat zo alsnog de halve wereld over.” Cras voegt daaraan toe: “Je moet samen bij die brug staan of straks bij dat stroomhuisje of die waterzuivering. Je moet elkaar kunnen aankijken en ter plekke bespreken welk probleem hoe getackeld kan worden. Daarvoor is een regionale aanpak de meest passende.”

Living lab van Lely
‘Geen woorden maar daden’, het is soms ver te zoeken in een wereld gekenmerkt door traagheid in besluitvorming. Roelofsma: “Een living lab is bij uitstek de omgeving waarin je besluitvorming kunt versnellen door complexe en dynamische ecosystemen samen te brengen in een testomgeving. Dan ontstaat er al gauw een sfeer van: het kan, we doen het gewoon.” Hoewel hij zich daar altijd hard voor heeft gemaakt, heeft het idee van een living lab veel oudere papieren. “Sinds Leeghwater (17e eeuw) weten we hoe we dijken kunnen aanleggen om inwoners van gebieden rond de Haarlemmermeer of de Zuiderzee te beveiligen. Maar het duurde tot 1927 voordat met de aanleg van de Afsluitdijk werd begonnen. Daarvóór werden er alleen maar mitsen en maren opgeworpen. De aanjager was Cornelis Lely die in Friesland met de living lab-methode de situatie van toen onderzocht: een stukje van de Zuiderzee met omringende stadjes en dorpen in Noord-Holland. Daarmee sloeg Lely de brug tussen Leeghwater en de daadwerkelijke aanleg van de Afsluitdijk. De transitie van Zuiderzee naar IJsselmeer kwam er dankzij het living lab van Lely.”

Andere transitie
Nu staan we voor een andere transitie die net zo groot is. Roelofsma: “We hebben een gebrekkig systeem bedacht dat internet heet. De makers hebben nooit kunnen vermoeden welke problemen dat systeem zou gaan geven. Daarom moeten we aanpassingen en veranderingen of een nieuw systeem bedenken. Daarom is cyberweerbaarheid en -veiligheid zo’n belangrijk thema. De transitie is nodig maar we maken hem niet. Ook hier zullen living labs – mét alle co-creatie van dien – baanbrekend werk kunnen leveren voor een toekomstbestendig, ander, veiliger en weerbaarder internet.”